Amyloïdose
Soorten amyloïdose
Amyloïdose is niet één ziekte, maar een familie van afzonderlijke aandoeningen, elk bepaald door het soort eiwit dat verkeerd vouwt en door de organen die het aantast. Inzicht in elke soort is de eerste stap naar een nauwkeurige diagnose en een gerichte behandeling.

01
De grote diversiteit van amyloïdose
Van meer dan 40 menselijke precursoreiwitten is bekend dat ze amyloïde afzettingen kunnen vormen. Amyloïdose wordt ingedeeld naar het eiwit dat de fibrillen vormt. Bij de meest voorkomende systemische vormen, AL, ATTR en AA, zijn telkens andere precursoreiwitten betrokken, worden andere organen aangetast en zijn fundamenteel verschillende behandelstrategieën nodig.
Omdat de symptomen vaak lijken op die van veel voorkomende ziekten, is een correcte typering essentieel; daarvoor zijn gespecialiseerde onderzoeken nodig. Een vroege en nauwkeurige typering is de basis van goede zorg.
02 · Systemisch
AL-amyloïdose
AL-amyloïdose (lichte ketens) wordt veroorzaakt door een abnormale woekering van plasmacellen in het beenmerg die verkeerd gevouwen lichte ketens van immunoglobulinen aanmaken. Deze fragmenten zetten zich af als amyloïde fibrillen, vooral in het hart en de nieren, maar mogelijk in elk orgaan.
Het is de meest voorkomende vorm van systemische amyloïdose in ontwikkelde landen. De behandeling richt zich op de onderliggende plasmacelaandoening, meestal met chemotherapieschema’s die vergelijkbaar zijn met die bij multipel myeloom.
03 · Systemisch
ATTR-amyloïdose
ATTR-amyloïdose (transthyretine) ontstaat wanneer transthyretine, een eiwit dat door de lever wordt aangemaakt, instabiel wordt en verkeerd vouwt. Ze tast vooral het hart en het perifere zenuwstelsel aan en bestaat in twee afzonderlijke vormen, met verschillende oorzaken en behandeltrajecten.
Wild-type ATTR
Ontstaat spontaan met het ouder worden en is niet erfelijk. Uit zich meestal als cardiomyopathie bij oudere mannen. Wordt steeds vaker herkend dankzij betere beeldvorming van het hart.
Erfelijke ATTR
Veroorzaakt door een genetische mutatie in het TTR-gen. Erft autosomaal dominant over. De leeftijd waarop de ziekte begint en de aangetaste organen verschillen per mutatie; neuropathie is een kenmerkend symptoom.
04 · Systemisch
AA-amyloïdose
AA-amyloïdose ontstaat als secundaire complicatie van aanhoudende systemische ontsteking. Het verantwoordelijke eiwit, serum-amyloïd A (SAA), is een acutefase-eiwit dat de lever aanmaakt als reactie op chronische ontstekingstoestanden zoals reumatoïde artritis, chronische darmontstekingen of chronische infecties.
De nieren zijn het belangrijkste doelwit, met proteïnurie en progressief nierfalen tot gevolg. De behandeling is erop gericht de onderliggende ontstekings- of infectieziekte onder controle te brengen en de aanmaak van serum-amyloïd A (SAA) te onderdrukken.
05
Zeldzamere erfelijke soorten
Naast ATTR veroorzaken nog andere genmutaties zeldzamere erfelijke vormen van systemische amyloïdose. Elke vorm wordt bepaald door het precursoreiwit en heeft een eigen patroon van orgaanbetrokkenheid. Genetisch onderzoek is onmisbaar voor de diagnose en heeft gevolgen voor familieleden.
AAPOA1
Mutatie van apolipoproteïne A-I. Tast de nieren, de lever en de perifere zenuwen aan. Autosomaal dominante overerving.
AGEL
Mutatie in gelsoline. Veroorzaakt vooral craniale neuropathie en lattice-dystrofie van het hoornvlies. Komt het meest voor in Finland.
ALYS
Mutatie van lysozym. Vooral betrokkenheid van de nieren, met afzettingen in de lever. Historisch zijn Britse gevallen beschreven.
AFib
Mutatie van de alfaketen van fibrinogeen. Uitsluitend een nierziekte; een van de vaker voorkomende erfelijke vormen in West-Europa.
06 · Gelokaliseerd
Gelokaliseerde amyloïdose
Anders dan bij de systemische vormen blijft gelokaliseerde amyloïdose beperkt tot één orgaan of weefsel, meestal de luchtwegen, de huid, de blaas of de oogkas. Het amyloïd wordt ter plaatse aangemaakt door plasmacellen in het weefsel en verspreidt zich niet door het lichaam.
De prognose is over het algemeen gunstiger dan bij systemische ziekte, omdat de werking van vitale organen zelden in gevaar komt. De aanpak hangt af van de plaats van de aandoening en de omvang van de lokale weefselschade.
07
Soorten vergelijken
Een beknopt overzicht van de belangrijkste soorten amyloïdose: eiwit, voornaamste aangetaste organen, behandelaanpak en waar u meer informatie vindt.
| Soort | Eiwit | Voornaamste organen | Behandelaanpak | Meer informatie |
|---|---|---|---|---|
| AL | Lichte ketens van immunoglobulinen | Hart, nieren, lever, zenuwen, weke delen | Chemotherapie gericht op de plasmacellen; stamceltransplantatie bij patiënten die daarvoor in aanmerking komen | AL-amyloïdose → |
| ATTR, wild-type | Transthyretine (wild-type) | Hart (cardiomyopathie) | Stabilisatie van TTR en ondersteunende hartzorg; goedgekeurde indicaties en beschikbaarheid verschillen per land. | ATTRwt-amyloïdose → |
| ATTR, erfelijk | Transthyretine (gemuteerd) | Perifere zenuwen, hart (afhankelijk van de mutatie) | TTR-silencers (siRNA, ASO); stabilisatoren; levertransplantatie (bij bepaalde mutaties) | ATTRv-amyloïdose → |
| AA | Serum-amyloïd A (SAA) | Nieren, lever, milt | Behandeling van de onderliggende ontstekingsziekte; anti-IL-1-middelen | AA-amyloïdose → |
| Zeldzamere erfelijke vormen | ApoA-I, gelsoline, lysozym, fibrinogeen… | Afhankelijk van de soort (nieren, zenuwen, lever) | Ondersteunende behandeling; orgaantransplantatie in bepaalde gevallen | Zeldzame erfelijke amyloïdose → |